De helft van de Sena-vergoeding hangt aan een uitvoerende kunstenaar die bij een ingekochte AI-render kan ontbreken

Een label koopt een afgeronde master in waarvan de stem, de bas en de drums zijn gerenderd en waaraan niemand toonhoogte, timing of klank heeft vormgegeven. Het nummer wordt gedraaid op de radio en klinkt in winkels en horeca, Sena factureert die gebruikers, en dan moet dat geld verdeeld worden. Op het aanmeldformulier staat een veld voor de uitvoerende kunstenaars, en er is niemand om in te vullen. Dat lege veld raakt een aanspraak op de helft van een wettelijke vergoeding.

Het fonogram blijft beschermd, de uitvoerendenhelft heeft geen rechthebbende

Artikel 1 onder c van de Wet op de naburige rechten omschrijft een fonogram als iedere opname van uitsluitend geluiden van een uitvoering of andere geluiden. Die laatste woorden volgen de fonogramdefinitie van de Conventie van Rome van 1961, waarvan het conferentieverslag vogelzang en andere natuurgeluiden als voorbeelden noemt, en zij trekken vijfenzestig jaar later een volledig gerenderde track binnen de wet. De producent van het fonogram houdt daardoor het volle recht van artikel 6. De uitvoerende kunstenaar van artikel 1 onder a is echter gedefinieerd als een persoon die een werk uitvoert, en een gerenderde partij levert die persoon niet op. Nieuw is de vraag niet, en een oudere analogie maakt dat zichtbaar: bij een volledig met een drumcomputer geprogrammeerde plaat staat programmeren naast inspelen en naast live bedienen, drie feitelijk verschillende situaties. Nieuw is de omvang, want nu kan de hele bezetting van een track wegvallen.

Artikel 7 lid 4 WNR, de Sena-repartitie en de gemengde opname

De billijke vergoeding van artikel 7 WNR komt toe aan de uitvoerende kunstenaar en de producent samen en wordt tussen hen gelijkelijk verdeeld; artikel 15 legt de inning bij één aangewezen organisatie die verdeelt volgens een goedgekeurd reglement. Uit de definities samen volgt dat op een volledig gerenderde opname alleen de producentenhelft een rechthebbende aanwijst; wat er met de niet-claimbare uitvoerendenhelft gebeurt, bepaalt het repartitiereglement. Sena zelf merkt een dj, producer of elektronisch muzikant die zijn muziek in een DAW maakt wel aan als uitvoerende kunstenaar, zodat de vraag pas scherp wordt bij een volledig ingekochte render waaraan niemand heeft vormgegeven; hoe Sena dat geval behandelt is niet publiek bevestigd. Een naam invullen die niets heeft gespeeld, is hoe dan ook een onjuiste opgave bij een organisatie onder toezicht. Het gewone geval is bovendien de gemengde opname: een menselijke leadstem boven een gerenderde backing, of één vervangen partij. Daar bestaat de uitvoerende kunstenaar wel, voor precies die partijen die een mens heeft gespeeld. De opgave heeft bovendien een lange staart: Sena keert gereserveerde vergoedingen uit met een terugwerkende kracht van drie jaar en kan ten onrechte uitgekeerde bedragen binnen vijf jaar terugvorderen of verrekenen.

Wat artikel 50 AI-verordening sinds 2 augustus 2026 wel doet

De transparantieverplichtingen van artikel 50 van de AI-verordening gelden sinds 2 augustus 2026 en verplichten aanbieders synthetische audio machinaal leesbaar te markeren. Zij verschuiven niets in de verdeling van artikel 7 WNR, maar zij produceren bewijs over welke opnamen gerenderd zijn, en dat bewijs landt in de repartitie en in de garanties die een label vraagt. Het artikel sluit af met zes vastleggingen per track, van de producentendefinitie tot de markering, in het verlengde van garantie en vrijwaring bij AI-gereedschap.

Read More

Het maakproces wordt bewijsstuk: promptlogs, projectbestanden en de werkaanmelding

Binnen vijf dagen verschoof het speelveld voor iedereen die muziek aanmeldt bij een rechtenorganisatie. Op 31 juli 2026 oordeelde de rechtbank in München in eerste aanleg dat AI-generator Suno inbreuk maakte door zonder licentie op beschermde nummers te trainen; het is de eerste Europese uitspraak ten gronde over AI-training met muziek. Op 2 augustus werden de transparantieverplichtingen van de AI-verordening van kracht. En op 4 augustus verving de Koreaanse auteursrechtorganisatie KOMCA haar totaalverbod op AI-werken door een verklaringsplicht: wie aanmeldt, zegt voortaan welke tools zijn gebruikt, waar in het proces, en wat de eigen creatieve bijdrage was.

Waarom Seoul ook Amsterdam raakt

KOMCA staat via CISAC in een netwerk van ruim tweehonderd rechtenorganisaties die elkaars repertoire op basis van wederkerigheidscontracten vertegenwoordigen. Een registratiestandaard uit Seoul kan daardoor ook buiten Korea gaan meetellen, zonder dat er ergens een wet voor nodig is. De aanleiding was ontnuchterend: de Koreaanse rekenkamer vond in een steekproef dat 60,9 procent van de onderzochte nieuwe aanmeldingen waarschijnlijk met AI-hulp was gemaakt. Nederland kent nog geen verklaringsplicht bij de werkaanmelding, maar de onderliggende toets van de Auteurswet, menselijke creatieve keuzes, bestaat hier al lang. Het verschil zit straks in wie zijn verhaal kan onderbouwen.

Het maakproces als bewijsstuk

Daarmee wordt het maakproces zelf juridisch relevant materiaal. DAW-projectbestanden, versiegeschiedenis, promptlogs, de bronlijst van samples en stems, en een splitsheet die het AI-aandeel benoemt vormen samen een maakproces-dossier waarop een latere verklaring kan steunen. Het artikel zet op een rij wat er precies is besloten in München, Brussel en Seoul, waarom het verklaringsmodel hybride makers juist registreerbaar maakt, en welke zes stukken per track het verschil maken tussen een aanmelding die standhoudt en één die wordt teruggedraaid.

Garanties lezen na de Suno-uitspraak

Ook lopende publishing-, label- en distributiecontracten verdienen een tweede lezing: de originaliteitsgarantie die daar vrijwel altijd in staat, kan claims over trainingsdata bij de maker neerleggen. Het artikel besluit met de vraag hoe die garanties zich verhouden tot een productieproces waarin de machine meeschrijft en de mens kiest.

Read More

Norma sluit overeenkomst met Duitse GVL

Norma (Naburige Rechtenorganisatie voor Musici en Acteurs) heeft in juli 2014 een overeenkomst gesloten met haar Duitse zusterorganisatie GVL (Gesellschaft zur Verwertung von Leistungsschutzrechten). De overeenkomst heeft terugwerkende kracht tot 1 januari 2010. Dit is een goede zaak voor Nederlandse aangesloten uitvoerende kunstenaars, waaronder muzikanten, acteurs, dansers en dirigenten. Met deze bilaterale overeenkomst zet Norma wederom een belangrijke stap naar vergroting van de incasso voor de belanghebbenden.

Read More