Splitsheet na een co-writingsessie: wanneer schrijvers samen het auteursrecht op een song hebben, waarom de aandelen in beginsel gelijk zijn (3:166 BW) en wat Buma/Stemra bij botsende claims doet

Een producer, een topliner en een gitarist schrijven op een zaterdag samen een song. Om zeven uur staat er een demo, maar niemand heeft iets op papier gezet. Drie maanden later wil een label het nummer uitbrengen en vraagt het wie de schrijvers zijn en in welke verhouding. Dan blijkt dat ieder een ander getal in zijn hoofd heeft. Wat zegt het recht als er geen afspraak is?

Gemeenschappelijk auteursrecht en gelijke delen (artikel 3:166 BW)

Maken meerdere mensen samen een song en zijn hun creatieve bijdragen niet te scheiden, dan hebben zij volgens de gangbare opvatting een gemeenschappelijk auteursrecht; ieder van hen kan dat recht handhaven (artikel 26 Auteurswet). Bij een co-writingsessie waarin melodie, tekst en akkoorden over en weer worden bijgeschaafd, kan dat goed het geval zijn. De aandelen zijn dan in beginsel gelijk, tenzij uit de verhouding tussen de schrijvers iets anders volgt (artikel 3:166 lid 2 BW). In veel schrijfkamers in Nashville geldt een gelijke verdeling als gebruik; in Nederland is zij het wettelijke uitgangspunt. Wie een andere verhouding wil, legt die het best schriftelijk vast in een splitsheet na een co-writingsessie.

Wie beslist over sync en overdracht, en wat Buma/Stemra met een conflict doet

Over een overdracht aan een uitgever of een exclusieve licentie beslissen de schrijvers samen (artikel 3:170 BW). Wel kan ieder over zijn eigen aandeel beschikken en het bij een eigen uitgever onderbrengen (artikel 3:175 BW). Bij Buma/Stemra moet de aangemelde verdeling op honderd procent uitkomen. Spreken de aanmeldingen elkaar tegen, dan kan uitkering voor het betwiste deel van de verdeling van royalty's worden aangehouden tot de schrijvers het eens zijn. Het artikel vergelijkt de Nederlandse regels met die voor mede-auteurs in de Verenigde Staten en sluit af met zes punten die op een splitsheet horen, van de verdeling in procenten tot de vraag wie over een synclicentie beslist.

Read More

Opt-out bij Buma/Stemra vóór 30 september 2026: vijf rechtencategorieën die een componist zelf kan beheren, artikel 2a Wtcbo, en waarom een lid geen 'rechtenvrije' opdrachtmuziek kan beloven

Een verzonnen maar herkenbaar voorbeeld: een gamestudio vraagt een componist om een score met wereldwijde buy-out en de zin "vrij van Buma/Stemra-claims". De componist is lid van BumaStemra en heeft zijn uitvoeringsrecht en mechanisch recht via het exploitatiecontract al aan de organisatie overgedragen. Die belofte kan hij dus niet nakomen: de studio heeft voor het gebruik nog steeds een licentie van BumaStemra nodig, en de componist heeft een garantie afgegeven die hij niet kan waarmaken. Wie dat zelf wil regelen, heeft bij BumaStemra één instrument, de opt-out per rechtencategorie, en het wijzigingsformulier daarvoor moet ieder jaar uiterlijk op 30 september binnen zijn.

Vijf categorieën, per categorie en niet per werk

BumaStemra kent vijf hoofdcategorieën die een lid uit zijn exploitatiecontract kan halen: events, RTV en simulcasting, achtergrondmuziek, mechanisch en online; alleen voor online kan per subcategorie worden gekozen. De opt-out per rechtencategorie geldt voor de hele catalogus van dat lid, dus wie mechanisch uitsluit om één game-score buy-out-proof te maken, haalt ook de synchronisatie van al zijn andere tracks bij Stemra weg. Daarnaast kan een lid zich voor een beperkt aantal landen aansluiten. Wijzigen kan jaarlijks met drie maanden opzegtermijn, waarna de nieuwe keuze bij de jaarwisseling ingaat.

Artikel 2a Wtcbo en artikel 5 Richtlijn 2014/26/EU

De regeling is de uitwerking van artikel 2a van de Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties, de omzetting van artikel 5 van Richtlijn 2014/26/EU: de rechthebbende kiest zelf welke organisatie welke rechten of categorieën voor welke landen beheert, mag zelf licenties verlenen voor niet-commercieel gebruik, en kan de machtiging geheel of gedeeltelijk beëindigen met een opzegtermijn van ten hoogste zes maanden. Bedragen voor gebruik van vóór de beëindiging blijven aan de rechthebbende toekomen.

Wat de opt-out doet met uitgever, co-writer en opdrachtgever

Een opt-out raakt de muziekuitgever, afhankelijk van wat aan hem is overgedragen en van de afrekenafspraken en een eventuele aansluit- of meldplicht in het publishingcontract; de co-writer, wiens aandeel bij BumaStemra blijft zodat de opdrachtgever alsnog een licentie nodig heeft; en de opdrachtgever, die pas na een effectieve opt-out, voor die categorieën en landen en voor zover de componist zelf over de rechten beschikt, een echte buy-out kan kopen. Voor wie de categorie-opt-out te grof is, bestaan vier kleinere regelingen: UGC-whitelisting bij volledig eigendom, Creative Commons voor niet-commercieel gebruik, eigen muziek op de eigen website en Eigen Werk in Eigen Beheer bij Stemra. Het artikel sluit af met zes vragen die een componist beantwoordt voordat het wijzigingsformulier vóór 30 september de deur uitgaat.

Read More

Twee seconden geluid, twee toestemmingen: sampleclearance na het pastiche-arrest

Twee seconden uit een bestaande opname dragen twee verschillende rechten. De opname zelf zit bij de fonogrammenproducent, meestal het label of de partij die de catalogus heeft overgenomen. De compositie zit bij de auteurs en hun uitgever. Wie samplet, voert dus twee onderhandelingen met een eigen prijs, een eigen tempo en een eigen antwoordtermijn — en beide moeten rond zijn voordat de distributeur om zijn garantie vraagt.

Wat het pastiche-arrest wel en niet oplevert

Op 14 april 2026 legde het Hof van Justitie in zaak C-590/23 voor het eerst uit wat pastiche in het Europese auteursrecht betekent. Het is een zelfstandig Unierechtelijk begrip met voorwaarden die cumulatief gelden: het nieuwe werk roept ten minste één bestaand werk op, vertoont daarbij waarneembare verschillen, en gaat met dat werk een herkenbare artistieke of creatieve dialoog aan door karakteristieke beschermde elementen ervan openlijk en herkenbaar te gebruiken — stijlnabootsing, hommage, of humoristische of kritische omgang. Bewijs van bedoeling is niet nodig; het karakter moet objectief herkenbaar zijn voor wie het origineel kent. Wat de uitspraak niet oplevert is een vrijbrief voor sampling: hergebruik zonder die dialoog blijft toestemmingsplichtig, en het beroep op de uitzondering wordt achteraf per geval beoordeeld. De Nederlandse variant staat in artikel 18b Auteurswet.

Wat u pakt bepaalt wie u nodig heeft

De praktische winst zit in de vraag welk materiaal u overneemt. Bij een drumbreak van vier tellen ligt uw grootste blootstelling bij het fonogram, want juist die opname wilde u hebben; dat maakt het ritme nog niet vrij, want een ritmesequentie met eigen karakter kan zelf auteursrechtelijk beschermd zijn — precies het punt waarop de Duitse zaak draaide. Neemt u een paar noten van een hook, dan verschuift het zwaartepunt naar de compositie, al zegt het aantal noten op zichzelf niets: het gaat om oorspronkelijkheid, herkenbaarheid en de vraag wie de rechten in de keten werkelijk houdt. Opnieuw inspelen haalt de masterkant uit de onderhandeling; speelt u daarbij beschermde compositorische elementen na, dan blijft de auteur of zijn uitgever nodig, en die afspraak hoort in de splitsheet en de werkaanmelding te landen, niet in een mailwisseling.

Het dossier ontstaat in de sessie

Sampleclearance kost bijna altijd meer doorlooptijd dan de mixweek die eromheen gepland staat. Een samplelog dat tijdens de sessie wordt bijgehouden — bron, tijdcode, duur, bewerking, wie het aandroeg — scheelt weken reconstructiewerk. Daarnaast horen de masterlicentie met gebied, termijn en media, het compositieaandeel, een vrijwaring voor takedownkosten en de naamsvermelding elk apart vast te liggen. Pitchen en time-stretchen maken een fragment zelden onherkenbaar, en dat is sinds 2019 de maatstaf voor het reproductierecht van de fonogrammenproducent — de compositie en de rechten van de uitvoerenden staan daar los van.

Read More

De splitsheet vóór de ruzie: co-writers, publishing en bewijs op één pagina

Waarom de splitsheet vroeg moet komen

Een splitsheet bij co-writing is geen formaliteit voor na de release. Zij legt vast wie aan tekst, melodie, hook of muzikale vorm heeft meegeschreven, welk percentage daarbij hoort en welke publishing- of administratiepartij de registratie doet. In een schrijfsessie voelt dat soms ongemakkelijk, vooral wanneer de track nog kwetsbaar is. Toch is het later veel ongemakkelijker wanneer een label, publisher of music supervisor vraagt wie het lied mag vrijgeven en niemand hetzelfde antwoord geeft.

Het verschil tussen compositie en master is daarbij beslissend. De compositie valt aan de auteursrechtelijke kant; de opname heeft haar eigen rechtenketen. Een producer kan masterpunten krijgen zonder songwriter te worden. Een topliner kan juist mede-auteur zijn zonder eigenaar van de master te zijn. De splitsheet hoort die lagen niet te mengen.

Wat er minimaal in moet staan

Een bruikbare sheet noemt de titel, sessiedatum, schrijversnamen, percentages, contactgegevens, beheerorganisatie, IPI/CAE-nummers voor zover bekend en de betrokken publishers of administrators. Zij noteert ook of samples, interpolaties of externe clearances openstaan. Wie alleen de aanwezige schrijvers verdeelt terwijl het nummer op een bestaand werk leunt, bouwt een dossier met een gat erin.

Credits verdienen aparte aandacht. Een publieke producer-, performer- of featured-artist-credit is niet vanzelf hetzelfde als een compositieaandeel. Omgekeerd kan iemand die nauwelijks zichtbaar is in de release wel degelijk een schrijfbijdrage hebben geleverd. Een korte regel over credits voorkomt dat juridische percentages later worden verward met marketingtaal.

Bewijs en commerciële waarde

Het sterkste dossier bestaat uit meer dan één handtekening. Bewaar demo's, stems, tekstversies, projectbestanden, e-mails en de registratiegegevens bij elkaar. Bij een syncaanvraag, publishingdeal, samplekwestie of catalogusverkoop wil een buitenstaander snel kunnen zien wie toestemming moet geven. Publishing en bewijs van auteurschap worden dan geen hinderlijke bijlage, maar de basis waarop een deal veilig kan doorgaan.

MusicaJuridica bekijkt in de muziekcontractenroute splitsheets, publishingclausules, producerafspraken en masterdocumenten in samenhang. Dat maakt een schrijfsessie niet zwaarder dan nodig. Het zorgt er vooral voor dat een lied juridisch nog klopt wanneer het succes krijgt, wordt gelicentieerd of jaren later opnieuw waarde blijkt te hebben.

Read More

Self-service contractscan met tegenvoorstel: teken je platen-, publishing- of syncdeal niet meer blind

Self-service contractscan met tegenvoorstel — Je eerste echte deal — en een contract dat leest als een ander land

Een label wil je tekenen, een publisher wil je catalogus, een sync-agency belt. Er komt een contract vol masters, exploitatie, recoupment en "in de breedste zin". De verleiding is groot om te denken: iedereen tekent dit toch? Maar muziekcontracten bepalen wie je werk mag exploiteren, hoe lang, en wie wat verdient — vaak voor jaren. En ze zijn geschreven door de partij tegenover je. De nieuwe Muziek- & IE-contractscan (self-service) op musicajuridica.nl leest je deal clausule voor clausule en geeft elke bepaling Groen, Oranje of Rood — in taal die je begrijpt, ook zonder juridische opleiding.

De zin die je stem kan weggeven

Neem: "Het label mag je opnames gebruiken voor promotie in de breedste zin." Klinkt logisch — promotie wil je juist. Maar "de breedste zin" is een openstaande deur: het kan óók AI-stemklonen en gratis synclicenties betekenen, zonder extra vergoeding en zonder dat je het kunt tegenhouden. De scan kleurt zo'n clausule rood en vertelt erbij wat je kunt begrenzen vóór je handtekening. Ook de stille mechanieken komen langs: recoupment ("met wélke inkomsten wordt verrekend — en hoe lang?"), optieclausules, territoriumbepalingen. En de GAP-detectie signaleert wat er ontbreekt: geen einddatum voor de exploitatie, geen afspraak als het label je album niet uitbrengt.

Twintig jaar muziekrechtpraktijk als bodem

De analyse wordt getoetst aan de eigen contractpraktijk — twintig jaar onderhandelde platen-, publishing-, sync- en managementcontracten. De scan herkent niet alleen wat er staat, maar wat die formulering in de praktijk doet: welke zinnen artiesten geld kostten en welke hen beschermden. Voor artiesten, dj's, singer-songwriters en producers — én startende labels en agency's die hun eigen template willen toetsen. Eerst gratis je risicoprofiel zien kan na aanmelding voor de nieuwsbrief; de volledige analyse (alle oordelen, verbeterpunten, GAP-detectie, rapport per e-mail) is er vanaf €119, eenmalig per contract. Je contract wordt niet bewaard. Lees hoe de scan werkt en hoe je het rapport gebruikt om als maker gelijkwaardig aan tafel te zitten — vóór je volgende handtekening.

Wat je verder leest in dit artikel

Drie clausules uit een platendeal mét het oordeel van de scan, de vijf tariefklassen (± 450 woorden per pagina, je ziet je prijs direct), hoe je het rapport omzet in concrete tegenvoorstellen aan label of publisher, en de antwoorden op de meestgestelde vragen — van Engelstalige deals tot de vraag of scannen ná ondertekening nog zin heeft.

Zo werkt het: je voert de self-service contractscan zelf uit — een zelf-scan zonder afspraak, een zelf-check wanneer het jou uitkomt — en weet binnen enkele minuten welke clausules groen, oranje of rood zijn, en waar je kunt onderhandelen. Nieuw: je ontvangt een concreet tegenvoorstel met vervangingstekst dat je de wederpartij kunt toesturen.

Read More

De handtekening die de master overleeft: post-kwantumcryptografie voor muziekcatalogi

Waarom dit nu relevant wordt

Een muziekcontract leeft vaak langer dan de technologie waarmee het is getekend. Een master kan worden verkocht, een publishing-aandeel kan naar een fonds gaan, een synclicentie kan jaren later opnieuw worden opgevraagd en een sampletoestemming kan pas belangrijk worden wanneer niemand meer precies weet hoe de deal tot stand kwam. Post-kwantumcryptografie klinkt ver weg van studio, label en management, maar zij stelt een heel praktische vraag: blijft de digitale handtekening van vandaag morgen nog overtuigend bewijs? Die vraag raakt niet alleen grote catalogusfondsen. Zij raakt ook producers, sessiemuzikanten, managers en onafhankelijke labels die steeds vaker digitaal tekenen en hun rechtenarchief in platformen bewaren.

Wat een catalogus moet kunnen bewijzen

Voor artiesten, producers, labels en publishers gaat het niet om wiskunde, maar om dossierkwaliteit. De kern is een rechtenmap die laat zien welke contracten, split sheets, licenties, metadata, auditlogs en versies bij een werk horen. De nieuwe NIST-standaarden en het Europese vertrouwensdienstenkader herinneren de muziekindustrie eraan dat digitale bewijswaarde in muziekcontracten niet vanzelf in een PDF zit. Zij ontstaat door certificaten, tijdstempels, platformlogs, bewaartermijnen en exportmogelijkheden goed te bewaren. Wie later een catalogus verkoopt, een royaltyclaim krijgt of een samplediscussie voert, heeft meer nodig dan een download uit een handtekeningtool.

De contractuele reactie

Bij catalogusverkoop, publishing, masters en langlopende audiovisuele licenties hoort daarom een sobere contractuele laag: wie bewaart het dossier, welke technische gegevens blijven beschikbaar, hoe wordt een archief gemigreerd als een handtekeningplatform zijn cryptografie wijzigt, en hoe werkt de verkoper mee als later validatie nodig is? Niet elk sessieformulier verdient een zware audit. Maar een catalogus, wereldwijde syncdeal of royaltydragende overdracht verdient een controleerbaar rechtenarchief voordat due diligence, financiering, erfopvolging of een geschil de zwakke plekken zichtbaar maakt. De beste aanpak is proportioneel: zware waarborgen voor documenten met lange waarde, eenvoudige orde voor dagelijkse toestemmingen.

Read More

Grensoverschrijdende intellectuele eigendomsrechten en IPR

Grensoverschrijdende auteursrechten muziek

Stel een Duitse zangeres en Nederlandse producer hebben samen via internet een EDM nummer gemaakt (collab). Producer heeft de muziek gecomponeerd en geproduceerd. De zangeres, woonachtig in Berlijn, heeft de bijbehorende Engelse tekst zelf geschreven en de melodie, op basis van de reeds bestaande muziek, erbij bedacht. Beide partijen zijn blij met het uiteindelijke resultaat en besluiten te releasen. De producer, woonachtig in Amsterdam, is zijn eigen label en lanceert de muziek wereldwijd via iTunes, Beatport, Rdio, eMusic, Amazon, Spotify en Deezer. Er is geen muziekcontract getekend, dus er zijn geen schriftelijke afspraken over auteursrechten muziek. Wel hebben de zangeres en de producer samen via email afgesproken om alle inkomsten die het nummer zou kunnen gaan genereren te delen, ieder voor de helft. De producer is lid van Buma/Stemra en Sena en heeft de track daar ingeschreven, de zangeres is ongebonden en dus ook geen lid van de Gema.

Read More