Wanneer is een oud nummer rechtenvrij? De beschermingsduur van compositie, tekst en opname onder de Auteurswet en artikel 12 WNR

Een gefingeerd voorbeeld: een Utrechts pianotrio met zangeres wil in 2027 een album uitbrengen met Nederlandse liedjes uit de jaren dertig tot vijftig. Op het album staan een eigen arrangement van een lied uit 1934, een Nederlandse vertaling van een Frans chanson en een intro waarin een fragment van een oude radio-opname uit 1961 klinkt. De pianist heeft gelezen dat muziek zeventig jaar na de dood van de componist vrij is, en wil daarom niemand om toestemming vragen. Dat klopt maar voor een deel van het album, omdat een lied meerdere rechthebbenden heeft, elk met een eigen beschermingstermijn.

Het geopende interieur van een moderne zwarte concertvleugel met goudkleurig gietijzeren raam, koperen basnaren en viltdempers, met een hand op de toetsen, in een lichte concertzaal met daglicht en teal zitplaatsen

Een rechtenvrije compositie mag iedereen spelen en arrangeren; de nieuwe uitvoering en opname krijgen een eigen beschermingstermijn.


Wanneer de compositie vrij wordt: zeventig jaar na de dood van de maker volgens artikel 37 Auteurswet

De hoofdregel staat in artikel 37 lid 1 van de Auteurswet: het auteursrecht vervalt zeventig jaar na de dood van de maker, gerekend vanaf 1 januari van het jaar na het sterfjaar. Het werk van een componist die in 1955 overleed, is daarmee sinds 1 januari 2026 rechtenvrij. Voor een componist die in 1956 overleed, is dat 1 januari 2027. Hebben twee of meer componisten samen één werk gemaakt, dan telt volgens lid 2 het sterfjaar van de langstlevende.

Voor werken zonder herkenbare maker geldt een andere klok. Is de maker niet of niet duidelijk genoemd, dan vervalt het auteursrecht volgens artikel 38 Aw zeventig jaar na de eerste rechtmatige openbaarmaking. Een vermelding als "traditional" op een oude plaat bewijst dus weinig. Achter een volkslied of kampvuurlied zit soms een maker die gewoon bekend is, met een termijn die nog loopt.


Waarom de tekst het hele lied langer beschermd houdt: artikel 40a Auteurswet

Bij een lied met tekst rekent u niet per onderdeel. Artikel 40a Aw bepaalt dat het auteursrecht op een muziekwerk met woorden, als muziek en tekst bij verschillende personen berusten, vervalt zeventig jaar na de dood van de langstlevende van hen. Schreef de componist van het lied uit 1934 de muziek en overleed hij in 1950, terwijl de tekstdichter in 1981 overleed, dan is het lied beschermd tot en met 31 december 2051. Ook de melodie mag het trio in die periode niet zonder licentie opnemen.

Artikel 40a gaat terug op richtlijn 2011/77/EU, en die richtlijn stelt een voorwaarde die de Nederlandse tekst niet herhaalt: muziek en tekst moeten speciaal voor dit lied zijn gemaakt. Is een bestaand gedicht later op muziek gezet, dan ligt het voor de hand dat beide termijnen afzonderlijk lopen, omdat een Nederlandse rechter het artikel richtlijnconform zal uitleggen. Voor het album betekent dat een concrete vraag per lied: zijn tekst en muziek allebei specifiek voor dit lied gemaakt, ook als de ene bijdrage later ontstond dan de andere? Een gedicht dat al bestond voordat iemand het op muziek zette, voldoet daar niet aan.

Voor het Franse chanson speelt nog iets anders. Een vertaling is volgens artikel 10 lid 2 Aw een zelfstandig beschermd werk, naast het auteursrecht op het origineel. Is het chanson zelf al vrij, dan heeft de vertaler van het trio een eigen auteursrecht op de Nederlandse tekst, mits de vertaling voldoende eigen creatieve keuzes bevat. Is het origineel nog beschermd, dan heeft het trio voor het uitbrengen van de vertaling toestemming van de rechthebbende op het chanson nodig, meestal de muziekuitgever.


Hoe lang de oude opname beschermd blijft: artikel 12 WNR en de grens van 1963

Het fragment uit de radio-opname valt onder een andere wet. De Wet op de naburige rechten beschermt de uitvoerende musici en de producent van de opname. Voor beide groepen rekent artikel 12 WNR anders. De rechten van de musici lopen volgens lid 1 en lid 3 vijftig jaar na de uitvoering, of zeventig jaar na het jaar waarin de opname voor het eerst rechtmatig is uitgebracht of openbaar gemaakt, als dat binnen die vijftig jaar gebeurde; de vroegste van die twee gebeurtenissen telt. Het recht van de producent loopt volgens lid 4 zeventig jaar na de vervaardiging, of zeventig jaar na de eerste rechtmatige uitgave als die binnen die termijn plaatsvond. Een openbaarmaking, zoals een uitzending, telt voor de producent alleen als de opname binnen die termijn niet rechtmatig is uitgebracht, en dan moet ook die openbaarmaking binnen de termijn vallen. De termijn van zeventig jaar bestaat sinds 1 november 2013. Daarvoor was het vijftig jaar, en artikel 10 lid 5 van de Beschermingstermijnrichtlijn past de verlenging alleen toe op opnamen die op die datum nog beschermd waren.

Een vaste grens bij 1963 bestaat daarom alleen onder voorwaarden. Is een opname in 1962 of eerder zowel opgenomen als voor het eerst rechtmatig uitgebracht, dan was zij op 1 november 2013 vrij van naburige rechten en blijft zij dat. Voor de radio-opname uit 1961 hangt het af van wat er daarna gebeurde. Is zij in 1961 alleen uitgezonden, dan zijn de rechten van de musici eind 2011 vervallen. Is dezelfde opname in 1975 voor het eerst op een lp uitgebracht, dan liep het recht van de producent onder de oude termijn tot eind 2025, viel het dus onder de verlenging en loopt het nu tot en met 31 december 2045. Het trio moet daarom de uitgavegeschiedenis van het fragment nagaan voordat het ervan uitgaat dat de opname vrij is. Of een latere remaster een nieuw fonogram oplevert, is in Europa onzeker; reken daar niet op.

Een vrije opname kan wel een beschermd lied bevatten. Speelde het orkest in 1961 een song van een componist die in 1990 overleed, dan is de compositie nog beschermd tot en met 2060, ook als de opname zelf vrij is. Voor het fragment heeft het trio dan nog steeds een licentie op de compositie nodig. Over het uitzoeken van die twee lagen schreven we eerder in het stuk over sampleclearance van master en compositie.


Wat het trio zelf aan rechten krijgt bij een arrangement van een rechtenvrij lied

Een rechtenvrij lied mag iedereen spelen, bewerken en opnemen. Het arrangement van de pianist is volgens artikel 10 lid 2 Aw een nieuw werk, beschermd tot zeventig jaar na zijn eigen dood. Die bescherming geldt alleen voor wat hij zelf creatief toevoegt, zoals de harmonisatie, de tegenmelodieën en de vorm. De oorspronkelijke melodie blijft vrij, en een ander ensemble mag er morgen een eigen arrangement van maken. Leg daarom bij afspraken met een uitgever of label vast dat het om een bewerking van een rechtenvrij lied gaat en welk deel van het resultaat van de pianist is.

De nieuwe opname levert het trio ook eigen naburige rechten op: de musici als uitvoerende kunstenaars, en als producent degene die de opname volgens artikel 1 onder d WNR voor de eerste maal vervaardigt of doet vervaardigen. Wie dat is, volgt uit de rolverdeling en de afspraken, en niet alleen uit wie betaalt. Daarvoor begint een nieuwe termijn van zeventig jaar te lopen vanaf het jaar van uitbrengen. Voor een gevonden manuscript geldt een aparte regel. Wie een niet eerder uitgegeven werk waarvan het auteursrecht al is verstreken, voor de eerste maal rechtmatig openbaar maakt, krijgt volgens artikel 45o Aw een eigen uitsluitend recht. Dat recht vervalt 25 jaar na 1 januari van het jaar na die eerste openbaarmaking. Het geldt niet als het lied in het manuscript al eerder is uitgegeven, ook als niemand dat meer weet.


Vijf vragen per nummer voordat u een oud lied opneemt of samplet

  1. Wie schreef de muziek en wie de tekst, en in welk jaar overleed de langstlevende van hen? Tel zeventig jaar vanaf 1 januari na dat sterfjaar.
  2. Zijn tekst en muziek allebei specifiek voor dit lied gemaakt, ook als ze na elkaar ontstonden? Dan geeft artikel 40a Aw één termijn voor het hele lied; bij een bestaand gedicht dat later op muziek is gezet, lopen de termijnen apart.
  3. Welke versie gebruikt u: het origineel, of een latere vertaling of bewerking met een eigen maker en een eigen termijn?
  4. Gebruikt u een bestaande opname? Ga dan na in welk jaar zij is opgenomen, wanneer zij voor het eerst is uitgezonden en wanneer zij voor het eerst rechtmatig is uitgebracht. Is zij uiterlijk in 1962 opgenomen en voor het eerst rechtmatig uitgebracht, dan is zij in de EU in beginsel vrij; bij een andere uitgave- of uitzendgeschiedenis moet u de termijnen apart berekenen.
  5. Waar brengt u het album uit? Beschermingstermijnen buiten de EU wijken af, en een lied dat hier vrij is, kan in een ander land nog beschermd zijn wanneer u wereldwijd via streamingdiensten distribueert.

Neemt u een album met oude liedjes op en sluit u daarvoor een contract met een label of uitgever, dan kunt u dat contract zelf laten doorlichten met onze geautomatiseerde contractscan. Gaat het om een release bij een label, dan levert de platencontract-generator een bewerkbare eerste opzet waarin u de afspraken over arrangementen en gebruikte fragmenten kunt opnemen.

Bronnen (geraadpleegd op 5 november 2026): Auteurswet, artikelen 10, 37, 38, 40a en 45o, via wetten.overheid.nl; Wet op de naburige rechten, artikelen 1 en 12, via wetten.overheid.nl; Richtlijn 2006/116/EG (Beschermingstermijnrichtlijn), artikel 10 lid 5, en Richtlijn 2011/77/EU, via EUR-Lex. Het voorbeeld is gefingeerd. Dit artikel is algemene informatie en geen juridisch advies voor een concrete situatie.