Een gefingeerd voorbeeld: een vijfkoppige band uit Nijmegen krijgt in oktober 2026 een boeking voor een festival in de zomer van 2027. De gage is 2.500 euro. In de algemene voorwaarden van het festival, die als bijlage bij het optreedcontract zitten, staat in artikel 14 dat de artiest 'toestemming geeft voor het opnemen, uitzenden en online beschikbaar stellen van het optreden, in alle media, zonder aanvullende vergoeding'. Het festival werkt met drie camera's en een stereomicrofoon aan de rand van het podium, zet de set live op zijn eigen kanaal en wil er daarna fragmenten van maken voor sociale media. De band heeft sinds vorig jaar een exclusief contract met een klein label. De bandleider vraagt zich af wat de band met die ene zin weggeeft, en of het label er iets van mag vinden.
Een snaredrum met een clip-on microfoon op een festivalpodium: wie zo'n set opneemt, heeft toestemming van de muzikanten nodig.
Welke handelingen de band moet toestaan: opnemen, uitzenden en online zetten (artikel 2 WNR)
Een muzikant die live speelt, is uitvoerende kunstenaar in de zin van de Wet op de naburige rechten (WNR). Artikel 2, eerste lid, WNR geeft hem het uitsluitend recht om toestemming te geven voor het opnemen van zijn uitvoering (onder a), het reproduceren van die opname (onder b), het verspreiden van exemplaren (onder c) en het uitzenden, het beschikbaar stellen voor het publiek of op een andere wijze openbaar maken van de uitvoering of de opname (onder d).
De handelingen die het festival wil, raken dus meer dan één onderdeel. Het vastleggen van de set valt onder a. De livestream is openbaarmaking van de uitvoering zelf, en het terugkijken achteraf en de fragmenten op sociale media zijn openbaarmaking van de opname; dat valt allemaal onder d. Het maken van kopieën en het knippen van fragmenten kan daarnaast reproductie onder b zijn. Zonder toestemming van de band mag het festival geen van die handelingen verrichten. Het festival heeft daarom terecht een clausule opgenomen. De vraag is hoeveel die clausule omvat.
Hoe ver een toestemming 'in alle media' reikt (artikel 9, tweede en derde lid, WNR)
Voor een gewone, niet-exclusieve toestemming stelt de wet geen vormeis. Gaat het om een overdracht of een exclusieve licentie, dan moet de overeenkomst schriftelijk worden aangegaan (artikel 9, tweede lid, WNR). Voor de uitvoerende kunstenaar voegt het derde lid daar iets belangrijks aan toe: een overdracht of exclusieve licentie omvat alleen de bevoegdheden die uitdrukkelijk in de overeenkomst staan of die uit de aard en strekking ervan noodzakelijk voortvloeien. Een ruime formule als 'in alle media' wordt dus niet vanzelf in het voordeel van het festival uitgelegd.
In het voorbeeld noemt de clausule opnemen, uitzenden en online beschikbaar stellen. De livestream en het terugkijken op het eigen kanaal vallen daar redelijk duidelijk onder. Een live-album, een verkoop van de opname aan een omroep of een gebruik in een commercial voor de volgende editie van het festival staan er niet uitdrukkelijk in. Of een rechter die toepassingen alsnog onder 'alle media' laat vallen, hangt af van de uitleg van de hele overeenkomst; artikel 9, derde lid, ziet alleen op overdracht en exclusieve licentie, dus het hangt ook af van de vraag of de toestemming exclusief is bedoeld. Duidelijkheid in het contract voorkomt die discussie.
Wie de liveopname bezit: het festival als producent van het fonogram (artikel 1 onder d en artikel 6 WNR)
Wie de toestemming uitlegt, vergeet vaak de tweede vraag. De WNR geeft een eigen recht aan de producent van fonogrammen: de persoon die een fonogram voor de eerste maal vervaardigt of doet vervaardigen (artikel 1, onder d, WNR). Maakt het festival naast de beelden ook een afzonderlijke geluidsopname, bijvoorbeeld een multitrack van de set die later als live-album kan verschijnen, dan is het festival in de regel de producent van dat fonogram. Het heeft dan op grond van artikel 6 WNR een eigen uitsluitend recht op reproductie en openbaarmaking van dat fonogram. Gaat het alleen om het geluid van de videoregistratie, dan is minder zeker dat er een zelfstandig fonogram ontstaat; zie daarvoor de concertfilm hieronder. Dat producentenrecht staat naast de rechten van de band en neemt die niet weg. De band houdt zijn rechten als uitvoerende kunstenaar uit artikel 2: voor elk gebruik van de opname dat buiten de gegeven toestemming valt, is opnieuw toestemming van de band nodig. Wat de band niet automatisch heeft, is recht op een kopie van de opname of zeggenschap over het producentenrecht van het festival. Wil de band de multitrack zelf kunnen gebruiken, dan moet dat worden afgesproken.
Dat heeft gevolgen voor de Sena-vergoeding. Wordt de liveopname later commercieel uitgebracht en op de radio of in een café gedraaid, dan geldt de wettelijke licentie van artikel 7 WNR: de billijke vergoeding wordt gelijk verdeeld tussen de uitvoerende kunstenaars en de producent. De producentenhelft gaat dan naar het festival, of naar wie het de opname later overdraagt.
Voor een concertfilm ligt het ingewikkelder. Is de uitvoering bestemd als bijdrage aan een filmwerk, dan verklaart artikel 4 WNR de filmregels van de artikelen 45a tot en met 45ga Auteurswet van overeenkomstige toepassing. Hoe die regels uitpakken voor muzikanten, beschreven wij bij de vraag wie eigenaar is van de videoclip bij uw nummer. Of een registratie met drie vaste camera's al een filmwerk is, staat niet bij voorbaat vast. Ook daarom is een concrete afspraak in het optreedcontract verstandiger dan vertrouwen op de wet.
Wat het exclusieve labelcontract van de band ermee te maken heeft
Veel labelcontracten bevatten een exclusiviteitsbeding voor opnames: de artiest neemt tijdens de looptijd voor niemand anders op dan voor het label. Of een festivalstream daaronder valt, hangt af van de formulering. Sommige contracten zonderen liveregistraties voor promotie uit, andere niet. Geeft de band het festival toestemming die het label al exclusief heeft gekregen, dan pleegt de band wanprestatie tegenover het label, en het festival kan tegenover het label met een opname zitten die het niet had mogen maken. Een korte vraag aan het label vóór ondertekening van het optreedcontract voorkomt dat.
Daarnaast geldt het auteurscontractenrecht via artikel 2b WNR ook voor uitvoerende kunstenaars. Artikel 25c, eerste lid, Auteurswet geeft recht op een billijke vergoeding voor het verlenen van exploitatiebevoegdheid. Een clausule 'zonder aanvullende vergoeding' is daarmee niet automatisch nietig; de gage kan de vergoeding voor de stream omvatten. Voor een exploitatie die verder gaat dan de stream, zoals een live-album, ligt een aparte vergoeding voor de hand.
Zes afspraken voor de opname en de livestream in uw optreedcontract
- Welke handelingen: alleen livestream, ook terugkijken, ook fragmenten op sociale media, of ook uitzending door een omroep.
- Hoe lang de opname online blijft, bijvoorbeeld twaalf maanden, en op welke kanalen.
- Wie producent is van de geluidsopname, of de band een kopie van de multitrack krijgt en of een live-album alleen met nieuwe schriftelijke toestemming mag.
- Of de toestemming exclusief is, en voor welke vergoeding bovenop de gage.
- Bevestiging dat het labelcontract de opname toestaat, of een schriftelijke toestemming van het label als bijlage.
- Naamsvermelding van de band in titel en beschrijving, en geen montage die de uitvoering verandert zonder overleg (artikel 5 WNR).
Voor de nummers zelf speelt nog een laag. De muziek en de teksten vallen onder het auteursrecht, en een licentie die de organisator voor het live optreden afsluit, dekt niet vanzelf een stream op internet. Die online openbaarmaking regelt het festival of het streamplatform met de rechthebbenden, in de praktijk via Buma/Stemra. Speelt de band eigen nummers, dan is het verstandig te vragen hoe het festival dat heeft geregeld.
Hoe de band uit Nijmegen het oplost
De bandleider stuurt het festival een wijziging van artikel 14. De toestemming wordt niet-exclusief en beperkt tot de livestream, twaalf maanden terugkijken op het festivalkanaal en fragmenten van maximaal negentig seconden op sociale media. Een live-album of een uitzending door een omroep vraagt nieuwe toestemming en een eigen vergoeding. Het festival levert binnen dertig dagen de multitrack aan de band. Het label bevestigt per e-mail dat het geen bezwaar heeft tegen een promotionele stream, en die e-mail gaat als bijlage bij het contract. Het festival accepteert alles behalve de multitrack; daarover wordt nog gepraat. In ons eerdere stuk over het optreedcontract met een podium of festival staat wat er verder in zo'n contract hoort, van aanbetaling tot annulering.
Ligt er bij u een optreedcontract met een opname- of streamclausule, haal het dan gerust eerst door onze contractscan, zodat u ziet welke bepalingen aandacht vragen voordat u tekent. En wie zelf een optreden vastlegt, kan met de optreedcontract-generator een eerste versie maken waarin opnemen en streamen alleen met schriftelijke toestemming mogen; daarna vult u zelf in wat u het festival wel toestaat.
Bronnen: Wet op de naburige rechten, artikelen 1, 2, 2b, 4, 5, 6, 7 en 9 en Auteurswet, artikel 25c (via wetten.overheid.nl, geraadpleegd op 26 oktober 2026); Sena, veelgestelde vragen voor muziekmakers.
