Producerpunten in een producercontract: hoeveel royalty de producer uit het artiestendeel krijgt, wat 'vanaf plaat één' na recoupment betekent en wat Sena apart betaalt (artikel 7 WNR)

Een gefingeerd voorbeeld: een producer uit Utrecht maakt vier tracks met een jonge rapper die een platencontract heeft bij een onafhankelijk label. Hij programmeert de beats en speelt de baslijnen in. Het producercontract dat de manager stuurt, belooft een fee van 2.500 euro per track 'als voorschot op 4 punten, vanaf plaat één na recoupment'. Wat zijn die punten waard, wie betaalt ze uit, en krijgt hij daarnaast iets van Sena als de single op de radio komt?

Wie de producer is volgens de wet

De Wet op de naburige rechten noemt de partij die een opname laat maken en betaalt de producent van fonogrammen; in dit voorbeeld is dat het label. De studioproducer heeft dan geen eigen masterrecht. Hij kan wel mede-maker van de compositie zijn als zijn bijdrage een eigen oorspronkelijk karakter heeft, en wie op de opname speelt, is uitvoerende kunstenaar. Zijn baspartijen vallen daaronder. Sena laat een producer die zijn eigen muziek in een DAW maakt zich ook als uitvoerende kunstenaar aanmelden; of een concrete programmeerbijdrage juridisch een uitvoering is, hangt af van wat op de opname te horen is.

Hoe punten en recoupment samen uitpakken

Een punt is één procentpunt royalty, en het contract moet zeggen over welke grondslag. In veel deals gaan de producerpunten van de royalty van de artiest af. Het label verdient eerst de opnamekosten terug uit die royalty. 'Vanaf plaat één' betekent dat de producer na die terugverdiening ook royalty krijgt over wat daarvoor is verkocht en gestreamd; zijn fee wordt daar eerst als voorschot op ingehouden. Staan die woorden er niet, dan bepaalt de rest van het contract of de eerdere opbrengst meetelt. Een letter of direction van de artiest vraagt het label de producer rechtstreeks te betalen; pas met een schriftelijke bevestiging van het label is die betaling ook afgesproken. Het artikel rekent het met gefingeerde bedragen door.

Wat Sena apart betaalt

Radio, televisie en muziek in horeca of winkels betalen een billijke vergoeding die Sena int en die gelijk wordt verdeeld tussen de uitvoerende kunstenaars en de producent van het fonogram (artikel 7 en 15 WNR). Die stroom staat los van de punten. De producer krijgt daar alleen een deel van als hij als uitvoerende kunstenaar voor de opname is aangemeld. Streams op aanvraag vallen buiten artikel 7; de inkomsten uit de opname lopen via het label en dus via de punten. Het artikel sluit af met vijf afspraken die in het producercontract horen te staan, en met de regels uit het auteurscontractenrecht die gelden als de producer zijn rechten als uitvoerende kunstenaar overdraagt of exclusief in licentie geeft, zoals het recht op jaarlijkse informatie over de inkomsten.

Read More

360-deal met een label: mag het voorschot voor uw album worden terugverdiend uit merchandise en optredens? Cross-collateralisatie en artikel 25f Auteurswet

Een artiest tekent bij een label, ontvangt een voorschot, neemt een album op en gaat op tournee. De shirts verkopen goed en de zalen zitten vol, maar op de afrekening wordt het merchandise-aandeel meteen weer afgeboekt op het openstaande voorschot. Dat komt door twee afspraken die in veel moderne platencontracten samen voorkomen: de 360-deal, waarin het label ook meedeelt in optredens, merchandise en sponsoring, en de cross-collateralisatie, waarmee inkomstenstromen op één rekening kunnen worden verrekend.

Hoe het voorschot uit merchandise terugkomt

Een voorschot is meestal verrekenbaar met latere royalty's maar hoeft niet te worden terugbetaald als de plaat flopt. De verrekeningsclausule bepaalt uit welke inkomsten het label terugverdient. Een rekenvoorbeeld: dertigduizend euro voorschot plus twintigduizend euro opnamekosten geeft een saldo van vijftigduizend. Na achttienduizend euro royalty's staat er nog tweeëndertigduizend open. Het merchandise-aandeel van de artiest van veertienduizend euro verdwijnt bij een ruime verrekeningsclausule in een actieve 360 in dat saldo; zonder verrekening met merchandise was het uitbetaald. Wat precies meetelt, hangt af van de afgesproken reikwijdte.

Wat artikel 25b tot en met 25h Auteurswet voor het opnamedeel regelt

Voor het opnamedeel van het contract geldt het auteurscontractenrecht van hoofdstuk 1a Auteurswet, via artikel 2b van de Wet op de naburige rechten ook voor uitvoerende kunstenaars. Dat geeft recht op een billijke vergoeding (artikel 25c), op informatie over de exploitatie (artikel 25ca) en op een aanvullende billijke vergoeding als de vergoeding, gelet op de wederzijdse prestaties, onevenredig is in verhouding tot de exploitatieopbrengst (artikel 25d). Artikel 25f lid 2 maakt onredelijk bezwarende bedingen vernietigbaar, en volgens artikel 25h geldt dit dwingend, ook bij een buitenlandse rechtskeuze als de exploitatie vooral in Nederland plaatsvindt. Een zuiver financieel aandeel van het label in gages en merchandise valt daar in beginsel niet onder, tenzij de 360 ook rechten op beschermd materiaal omvat of het beding samenhangt met het opnamedeel. Voor dat financiële deel doet de artiest het met de redelijkheid en billijkheid van artikel 6:248 BW, de regels over algemene voorwaarden en misbruik van omstandigheden.

Het artikel sluit af met zeven clausules die u vóór ondertekening controleert: de reikwijdte van de verrekening, welke kosten verrekenbaar zijn, de grondslag van het 360-percentage, de tegenprestatie van het label, afrekening en auditrecht per inkomstenstroom, het einde van het 360-aandeel en wat er gebeurt bij faillissement of verkoop van de catalogus. Een 360-deal kan voor een beginnende artiest de moeite waard zijn, en de voorwaarden zijn onderhandelbaar zolang er nog niet getekend is.

Read More

Achter elke artiestenroyalty hoort een controleerbare trackregel

Een totaalbedrag vertelt te weinig

Een artiest krijgt een royaltyafrekening met een percentage, een nettobedrag en de mededeling dat oude kosten nog niet zijn terugverdiend. De single heeft ondertussen inkomsten opgeleverd via verschillende versies, platforms, markten en valuta. Zonder regels per opname en exploitatievorm valt niet te controleren welke inkomsten zijn geboekt, welke aftrekposten zijn gebruikt en waarom de uitbetaling laag of nihil blijft.

Daarom begint een bruikbare royalty-afrekening per track. De regel koppelt een opname of versie aan een exploitatiecategorie, territorium, periode, inkomstenbasis en percentage. Dat onderscheid is belangrijk bij een originele master, radio edit, remix, liveversie of deluxe-uitgave. Dezelfde songtitel kan aan meerdere ISRC's, contracten en rechthebbenden hangen. Een verzamelregel als "digital income" wist die verschillen uit.

Recoupment moet als rekening bewegen

Voorschotten, videoclipbudgetten of afgesproken promotiekosten kunnen terugverdienbaar zijn. Royalty's verminderen dan eerst het openstaande saldo. De artiest ontvangt mogelijk niets, terwijl de master wel degelijk inkomsten heeft gegenereerd. Een goede afrekening toont daarom het beginsaldo, nieuwe terugverdienbare kosten, de verdiende royalty en het eindsaldo afzonderlijk.

Ook "netto-inkomsten" vraagt om uitsplitsing. Distributiecommissie, belasting, koersverschillen en andere inhoudingen horen alleen mee te tellen voor zover de overeenkomst daar ruimte voor geeft. Correcties en reserves krijgen een herkomst en een vrijgavemoment. Anders verandert een tijdelijk ingehouden bedrag ongemerkt in een permanente aftrek.

De wet geeft een vertrekpunt, het contract geeft detail

Artikel 25ca Auteurswet verlangt voor makers die exploitatierechten hebben verleend in beginsel ten minste jaarlijks actuele, relevante en volledige informatie over exploitatie, inkomsten en verschuldigde vergoeding. Via artikel 2b Wet op de naburige rechten werkt het betreffende hoofdstuk ook door naar uitvoerende kunstenaars. De precieze aanspraak hangt af van rol en omstandigheden; de wet levert geen standaardspreadsheet.

Contracten kunnen het controlespoor concreet maken met zes velden: opname en identifier, exploitatievorm, markt en periode, brutobasis, berekening en recoupmentsaldo. Een correctieprocedure en auditbeding vormen de achtervang. Zo blijft recoupment in het platencontract een controleerbare rekening in plaats van een onverklaarde nul onderaan de pdf.

MusicaJuridica beoordeelt royaltybasis, rapportage, reserves en terugverdienbare kosten binnen platen-, artiesten- en licentiecontracten. De Contract-Self-Scan kan brede termen zoals "net receipts", "cross-collateralization" en "accounting statements" aanwijzen voordat zulke woorden jarenlang de afrekening bepalen.

Read More